Tegenhanger van injectiegels zijn injectievloeistoffen.

Nadelen injecteren met vloeistoffen

Samenstelling

Injectievloeistoffen zijn gebaseerd op een waterafstotende stof. Deze zijn opgelost in meestal meer dan 90% water of solvent. Ook dit water of solvent wordt dus extra in de muur gepompt. Deze grote hoeveelheid dient nadien dan ook allemaal te verdampen. Bij 100 % vocht verzadigde muur is het vaak onmogelijk om nog extra vloeistof bij te pompen.

Ongevulde aders

Bestaande injectie-vloeistoffen zijn solvent- of watergedragen en worden onder hogere druk in de muur geïnjecteerd. De injectievloeistof is samengesteld uit 90 à 95 % drager (Solvent of water) en de rest actieve stof. De injectievloeistof moet het aanwezige vocht voor zich uitduwen. De ingespoten vloeistof volgt de weg van de minste weerstand en hierdoor zijn er aders waar de injectiestof is verspreidt en andere kleinere aders waar er geen product is geraakt.

Verlies van vloeistof

De injectievloeistof kan wegvloeien via barsten en scheuren. De actieve stof vloeit weg. Het product heeft geen tijd gehad om te polymeriseren. Het gevolg is dat al deze plaatsen niet behandeld zijn, niet waterafstotend zijn en optrekkend vocht doorlaten.

Schade bij buren

Als barsten of scheuren doorlopen door de muur kan de injectievloeistof tot bij de buur lopen. Ook kunnen grote hoeveelheden vloeistof weglopen in grote holtes, spouwmuren, enz...

Extra vocht in de muur

Van de geïnjecteerde vloeistof dient 90 à 95% (Solventen zoals white-spirit of water) enkel als drager voor het actieve bestanddeel en dit moet achteraf weg geraken door verdamping. De solventgedragen systemen zijn onoplosbaar. Ze vermengen zich dus niet met het aanwezige vocht in de muur en zijn daarom minder efficiënt. Bij solventgedragen is er altijd geurhinder soms pas dagen na de behandeling met schadelijke dampen als gevolg. Bij watergedragen producten worden grote hoeveelheden water ook mee in de muur gespoten. Dit water moet uiteindelijk ook nog eens extra verdampen. Dus langere uitdroogtijden en een risico op condens